Modulebeschrijving Proeftechniek mousserende, zoete en versterkte wijnen

Terug naar overzicht modulebeschrijving  

Vragen uit het Examen Magister Vini 2007

Examentraining Magister Vini - Proeftechniek mousserende, zoete en versterkte wijnen

Aanwijzingen voor de kandidaat:

  • Elke opdracht dient u als een nieuwe case te behandelen. Iedere opdracht staat op zich.
  • De opdrachten hebben onderling geen verband tot elkaar.
  • Het totale aantal te behalen punten per opdracht is bij de vraag aangegeven. Tevens is bij elke opdracht aangegeven hoe het puntentotaal is opgebouwd. Maximum te behalen punten: 220. Voldoende bij 132 punten.
  • Lees de vraag zorgvuldig. Geef alleen het antwoord waarnaar wordt gevraagd.
  • Voorbeeld: als er niet naar de herkomst wordt gevraagd, dan hoeft u dat niet aan te geven.
  • De proefnotities van de in totaal 10 te proeven wijnen dient u op het verstrekte notitiepapier te maken.

VRAAG 1 - max. 90 PUNTEN

Wijn 1, 2 en 3 komen uit drie verschillende landen. Beantwoord de volgende vragen.

A. Noem per wijn de herkomst en geef argumenten voor uw keus.
- 30 punten (10 punten per wijn)

B. Beschrijf per wijn de wijnstijl, kwaliteit en bewaarpotentieel.
- 30 punten (10 punten per wijn)

C. Noem de belangrijkste kenmerken van het vinificatieproces.
- 30 punten (10 punten per wijn)


VRAAG 2 - glazen 4 en 5 max. 50 punten

Wijn 4 en 5 zijn zoete wijnen uit verschillende landen. Het zijn mono-cépages. Elke wijn heeft een ander druivenras als basis. Beantwoord de volgende vragen.

A. Noem per wijn de herkomst en beargumenteer.
- 20 punten (10 punten per wijn)

B. Bespreek per wijn de belangrijkste kenmerken van de productiemethoden.
- 20 punten (10 punten per wijn)

C. Noem per wijn het druivenras.
- 10 punten (5 punten per wijn)

VRAAG 3 - glazen 7 en 8 max. 40 punten

Wijn 7 en 8 komen uit hetzelfde land, dezelfde streek en van hetzelfde huis. Geef voor de twee wijnen:

A. De herkomst en beargumenteer.
- 10 punten

B. Beschrijf per wijn de kwaliteit, ontwikkelingsstadium en bewaarpotentieel.
- 20 punten (10 punten per wijn)

C. Noem per wijn het wijntype.
- 10 punten (5 punten per wijn)

VRAAG 4 - glas 10 max. 40 punten

Wijn 10 is een zoete wijn. Beantwoord de volgende vragen.

A. Geef een technische proefnotitie van de wijn.
- 10 punten

B. Noem de herkomst.
- 5 punten

C. Noem het druivenras.
- 5 punten

D. Noem het oogstjaar.
- 5 punten

E. Noem het gehalte restsuiker per liter.
- 5 punten

F. Beschrijf de kwaliteit, ontwikkelingsstadium en bewaarpotentieel.
- 10 punten

 

Terug naar overzicht modulebeschrijving